Ziekten en plagen

Luisbestrijding


Beukenbladluis

Er is op dit moment niet veel veranderd in de luisdruk. Wel komt er nu nieuw schot waardoor het straks mogelijk is om een bespuiting uit te voeren, indien noodzakelijk. De hoeveelheid luizen en de aanwezigheid van natuurlijke vijanden verschilt per perceel. Daarom zal altijd naar de situatie in het veld moeten worden gekeken. Indien er te veel luizen aanwezig zijn, moet er goed worden gelet op de spuitomstandigheden, de gewasontwikkeling en het vochtgehalte in de bodem. Voor het toepassen van Movento moet de plant actief zijn. Dat kan alleen als alles klopt. Beregen daarom voorafgaand aan de bespuiting. Wacht tot de eerste blaadjes van het jonge schot begint uit te groeien en spuit met een RV > 65%. Op het jonge schot kan zich tevens Meeldauw ontwikkelen. Het is daarom goed om ook iets tegen Meeldauw toe te voegen. Het advies luidt dan: 0,6 liter Movento + 125 gram Flint + 1,5 liter Fulvic/ha. Spuit tussen de 400-600 liter water/ha.

Appelbloedluis

Appelbloedluizen zijn op sommige percelen nog niet onder controle. Ook is het gewas nog niet veel gegroeid door de schurftaantasting van dit voorjaar. Het advies blijft gelijk aan onze vorige nieuwsbrief. Spuit met voldoende temperatuur en een hoge RV met 50 gram Pediment + 1 liter Flipper/100 liter water. Belangrijk is om de luizen goed te raken.

 

Overige luizen

In diverse gewassen komen door de stijgende temperatuur soms luizen voor. Deze luizen zijn voornamelijk terug te vinden in de jonge groeipunten. Daarnaast zijn er soms volop natuurlijke vijanden aanwezig. Houd het evenwicht goed in de gaten. De laatste luis hoeft niet weg, want dan trekken ook de natuurlijke vijanden weg. Wanneer het evenwicht uit balans raakt is Teppeki een goed correctiemiddel. Voer desgewenst een bespuiting uit met 140 gram Teppeki + 3 liter Aminoboost/ha. Als het om bijvoorbeeld kersenluis gaat, dan is het advies om te spuiten met 50 ml Sivanto Prime + 7,5 ml Agral Gold/100 liter water.

Trips

Nu er volop groei is en in combinatie met een hoge temperatuur, komt er steeds meer trips in het gewas. Trips is lastig te bestrijden en vraagt om een strak beleid. Trips zorgt voor schade in met name Ligustrum, Laurier, Beuk, Crataegus 'Splender' en Prunus 'Nigra'. De schade is te zien aan misvorming van het blad of beschadiging van het blad. De volgende middelen hebben in de buitenteelt een werking op trips: Vertimec Pro, Tracer (alleen sierheesters), Decis (alleen neerwaarst gespoten), Sivanto prime, Gazelle, Movento en Batavia. Ook middelen zoals Raptol, NeemAzal en Flipper hebben een werking op trips. Wanneer er met deze middelen wordt gespoten, dan is het belangrijk om suikerwater aan de spuitvloeistof toe te voegen, bijvoorbeeld Biosweet.

Elzenhaantje

Op dit moment zien we in Alnus een aantasting van de larven van het Elzenhaantje. De larve kan behoorlijke schade aanrichten in de vorm van venstervraat. De meest gevoelige soort is de Alnus Spaethii. Ook andere types zijn gevoelig. Het is goed om de soorten te controleren. Wanneer er slechts enkele larven gevonden worden, is het niet zinvol om te spuiten. Wanneer er teveel larven aanwezig zijn, kan gespoten worden met 25 gram Gazelle + 7,5 ml Agral Gold/100 liter water, 50 ml Sivanto Prime + 7,5 ml Agral Gold/100 liter water of 1-1,5 liter Flipper/100 liter water. Flipper is een biologisch middel en heeft ook werking op luizen en mijten. Beide middelen kunnen in de ochtend worden gespoten gevolgd door een warme dag.

Roestmijt

Door het warme weer is de vermeerdering van mijten groot. Dat geldt ook voor Roestmijt. Roestmijt kan een behoorlijke groeiremming veroorzaken. Ze zuigen aan het blad waardoor het blad een bronskleurige bladkleur krijgt. Omdat het nu ook droog en warm is, is de vermeerdering groot en heeft de plant meer te lijden van deze aantasting. De combinatie van droog en warm kunnen de plant stil zetten in de groei. Daarom is het belangrijk om de gewassen goed te controleren op de aanwezigheid van Roestmijt. Roestmijt kan o.a. voorkomen in: Carpinus, Fraxinus, Robinia, Fagus, Quercus (met name robur, petrea en cerris), Tilia, Ligustrum en Malus. Vooral in oudere bomen komt er van nature een roofmijt voor, de Amblyseius Andersoni. Dit is een glazige lichtgele mijt, die Roestmijten eten. Wanneer deze roofmijten aanwezig zijn, is waarschijnlijk een bestrijding niet nodig. Houd het daarom goed in de gaten. Indien er toch gespoten wordt, dan kan je spuiten met 50 ml Vertimec Pro + 7,5 ml Agral Gold/100 liter water. Let op met Vertimec deze wordt afgebroken door zonlicht. Een andere optie is 50 ml Movento + 150 ml Fulvic/100 liter water. Wanneer er met de meeldauwronde zwavel wordt gespoten, zal de druk ook afnemen. Zwavel heeft een goede nevenwerking op mijten.

Spint

Ook spint voelt zich erg thuis als het zo warm is. We vinden op dit moment veel spint in o.a. Tilia en Picea. Omdat de vermeerdering nu snel kan gaan, is het raadzaam om op korte termijn te spuiten. Bonespint, zoals we die in Tilia tegenkomen, wordt goed bestreden met Rloramite, Scelta, Vertimec Pro en Milbeknock. De sparrenspint in Picea wordt goed bestreden met Vertimec Pro, Nissorun (eitjes), Scelta en Milbeknock. Spuit met voldoende water om de spint zo goed mogelijk te raken. Spuit bij voorkeur aan het einde van de dag wanneer de spint het meest actief is.

Meeldauw

De laatste weken is er meer groei gekomen. Op het jonge schot zien we soms veel meeldauw ontwikkelen. De verschillen tussen de soorten kan soms groot zijn. Zo zien we in eik en krenten een sterke toename van meeldauw. Ook Acer Campestre 'Elsrijk' heeft veel last van meeldauw, terwijl de wilde er minder last van heeft. Niet echt te verklaren, maar wel goed om op gewassen waar meer meeldauw is een extra ronde te maken. Zet op de aangetaste planten een curatieve bestrijding. Spuit met 2 liter Nimrod + 5 liter Zwavel + 3 kg Bitterzout/ha, of wanneer er grasbanen in de bomen liggen 0,5 liter Topaz + 3 kg Karma + 5 liter Zwavel + 3 kg Bitterzout/ha.

Voor de minder aangetaste percelen kan een minder curatief schema worden gespoten. Het is goed om de gewassen stevig te maken en te spuiten met een bladvoeding. Bijvoorbeeld met 0,2 liter Luna Privilege + 3 kg Karma + 5 liter Zwavel + 3 kg Agroleaf Power Calcium/ha. Wissel dit af met 0,9 liter Frupica + 3 kg Karma + 5 liter Zwavel + 0,5 liter mangaannitraat/ha. Wanneer er een aantasting aanwezig is, is het belangrijk om de interval op 7 dagen te houden. Bij een beginnende aantasting mag er 10 dagen tussen zitten.