Zo werken wij aan duurzaamheid

Bij AR geloven we dat verduurzaming onderdeel is van ondernemen. Efficiënt omgaan met grondstoffen, zorg voor bodem en grondwater, voldoen aan wetgeving en inspelen op markteisen versterken de sector én de toekomstbestendigheid van agrarische bedrijven en AR.

Jaarverslag AR 2024

We willen dat agrarische ondernemers ook in de toekomst met vertrouwen kunnen ondernemen. Werken aan duurzaamheid helpt daarbij. Verduurzaming is een goed middel om economisch sterk te blijven in een markt die verandert. Een gezond verdienmodel voor het agrarische bedrijf staat hierbij altijd voorop.

Hoe kan duurzaamheid bijdragen aan het verdienmodel van boeren?

Duurzaamheid zien we niet alleen als een verplichting, maar ook juist als een kans om het verdienmodel van agrarische ondernemers te versterken. Door bewuste keuzes te maken in onze voeders, grondstoffen, logistiek en ketens vergroten we de positieve impact en verlagen we de negatieve. Zo kan werken aan duurzaamheid bijdragen aan het verdienmodel:

1. De markt vraagt erom én betaalt ervoor

Steeds meer afnemers stellen eisen aan CO2-uitstoot, herkomst en transparantie. Boeren die hieraan kunnen voldoen, behouden toegang tot belangrijke afzetmarkten en profiteren vaker van ketenconcepten of langetermijn-afspraken.

2. Sturen op efficiëntie verlaagt de kosten

Slimmer omgaan met grondstoffen en rantsoenen verbetert de benutting en verlaagt verliezen. Dat zorgt niet alleen voor een lagere milieu-impact, maar ook voor een beter saldo per kilo product.

3. Minder risico, meer zekerheid

Wie nu al inspeelt op duurzaamheidseisen, voorkomt later kostbare en haastige aanpassingen. Dat verkleint risico’s en geeft meer zekerheid over de continuïteit van het bedrijf. Hierbij zijn het niet alleen concepten die vragen om duurzaamheidsmaatregelen, ook bijvoorbeeld banken kunnen eisen stellen voor financiering. Bovendien is het zo dat de eisen bijna geruisloos gesteld worden. Eerst is het een wens (waarvoor betaald wordt), daarna wordt het de standaard en tot slot is het een verplichting, waarbij je niet meer mag leveren als je niet voldoet.

4. Meedoen met ketenconcepten

In steeds meer ketens is inzicht in cijfers zoals CO2-voetafdruk een license to produce. Boeren die hun data goed in beeld hebben, vergroten hun kansen op deelname aan duurzame ketenconcepten en extra vergoedingen.

Bij AR nemen we verantwoordelijkheid. Met een duurzamere bedrijfsvoering en praktische oplossingen werken we elke dag aan het verkleinen van onze klimaatimpact.
Gerben Klein Lebbink, manager Duurzaamheid

Visie van AgruniekRijnvallei op duurzaamheid

Om concrete stappen te zetten in verduurzaming volgen we het programma van Nevedi: Duurzaam Diervoeder 2030. Dit programma is opgezet in samenwerking met de verschillende sectoren en het ministerie. Het geeft duidelijke kaders voor klimaat, circulariteit, biodiversiteit en de herkomst van grondstoffen. Deze thema’s zijn vertaald naar kpi’s, kritische prestatie-indicatoren. Hiermee kan op een transparante manier vastgesteld worden hoe een bedrijf presteert. Voor AR gaat het concreet om het verlagen van de CO2-voetafdruk, het gebruik van ontbossingsvrije grondstoffen en meer reststromen en een nadruk op regionale herkomst.

We hoeven niet voor de muziek uit te lopen en laten onze ambities aansluiten bij de behoefte van de markt.

Duidelijk over wat we doen

Als AR vinden we het belangrijk om transparant te zijn over onze voortgang. Verschillende ketenpartners, bijvoorbeeld vanuit de zuivel en vleesverwerking, hebben een Europese rapportageplicht. Zij vragen ook data van ons. Door de juiste data aan te leveren zorgen we er indirect voor dat agrarische ondernemers kunnen blijven meebewegen met de markt.

De zeven duurzaamheidsthema’s van AgruniekRijnvallei

Om de belangrijkste thema’s voor AR in beeld te krijgen, hebben we gesproken met interne en externe stakeholders. Dit zijn onder andere klanten en leden van AR, medewerkers, leveranciers, verwerkers, retailers, NGO’s en banken verzekeraars. Hieruit zijn zeven thema’s naar voren gekomen. Over deze thema’s gaan we jaarlijks onze duurzaamheidsdoelstellingen en resultaten rapporteren, onder andere in het duurzaamheidsverslag.

1. Klimaatverandering en adaptatie (E1)

Hierbij gaat het om de uitstoot van CO2 door de activiteiten van AR zelf en van de toeleveranciers. Hierbij willen we aansluiten bij de klimaatambities die Nevedi samen met de sector heeft opgesteld. Ons doel: Nevedi heeft samen met de sector per diergroep ambities opgesteld voor 2030. AR conformeert zich hieraan.

2. Biodiversiteit en ecosystemen (E4)

AR heeft binnen de eigen activiteiten weinig negatieve impact op de biodiversiteit. Eerder in de waardeketen is de impact groter. Toch kan AR een positieve bijdrage leveren aan de biodiversiteit, bijvoorbeeld door minder grondstoffen van ontboste percelen te verwerken. Ons doel: onze impact op de biodiversiteit en ecosystemen beperken door bewuste keuzes in grondstoffen en precisie in toepassing.

3. Grondstofgebruik en circulariteit (E5)

Een circulaire economie vraagt om een veehouderij die rest- en bijproducten verwaardt tot vlees, zuivel en eieren. Voor AR ligt de uitdaging in het optimaal benutten van circulaire grondstoffen in de samenstelling van onze voeders. Ons doel: Nevedi heeft samen met de sector per diergroep ambities opgesteld voor 2030. AR conformeert zich hieraan.

4. Gezondheid, veiligheid en vitaliteit eigen medewerkers (S1)

Onze medewerkers zijn het hart van AR. We investeren in een veilige, moderne werkomgeving en in duurzame inzetbaarheid. Ons doel: het voorkomen van ongevallen, het bevorderen van duurzame inzetbaarheid, ziekteverzuim <5% en waar mogelijk het aandeel externe inhuur beperken.

5. Consumentengezondheid en -veiligheid (S4)

Consumentengezondheid en -veiligheid is een belangrijk thema voor AR en voor de keten als geheel. Als ergens in de keten de kwaliteit van de grondstoffen negatief wordt beïnvloed, dan heeft dit mogelijk een negatieve impact op mens en dier verderop in de keten.

6. Verantwoordelijkheid in de keten (G1)

Hierbij gaat het met name om de impact die AR heeft op het verdienmodel binnen de keten. AR is immers een partnercoöperatie van, voor en met boeren (leden).

7. Respecteren van rechten (G1)

Dit thema omvat zowel dierenwelzijn als het respecteren van mensenrechten. Door kwalitatief hoogwaardig en zuiver voer te leveren, draagt AR bij aan de gezondheid en het welzijn van dieren. Tegelijkertijd verwachten wij van leveranciers en ketenpartners dat zij integer opereren en fundamentele mensenrechten respecteren.

Duurzaamheid in de plantaardige sectoren

Ook binnen onze plantaardige sectoren werken we gericht aan verduurzaming. AR Plant en CAF ondersteunen telers bij een zorgvuldig gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen. Het middelenpakket wordt kleiner en dat vraagt om gerichte keuzes. Met praktisch advies over productkeuze, dosering en het juiste moment van toepassing helpen we telers om risico’s te beperken en tegelijkertijd hun teelten gezond en rendabel te houden. Ook doen we actief onderzoek bij AR Plant en CAF naar alternatieve middelen met een lagere milieu-impact. Zo anticiperen we op het mogelijk verdwijnen van toelatingen voor bepaalde gewasbeschermingsmiddelen. In het kader van duurzaamheid is waterverbruik ook een belangrijk aandachtspunt, onder andere in de fruitteelt. Door kennis te delen en samen te werken binnen projecten en initiatieven helpen we telers om efficiënter om te gaan met water, zonder in te leveren op kwaliteit en opbrengst. Zo werken we ook in de plantaardige sectoren aan toekomstbestendig ondernemen.

Duurzaamheidsverslag AgruniekRijnvallei

Jaarlijks stelt AR een duurzaamheidsverslag op volgens de CSRD-richtlijnen. Dit duurzaamheidsverslag geeft inzicht in onze inspanningen en ambities op het gebied van duurzaamheid. Hiermee maken wij transparant waar wij staan en waar wij naartoe werken. In het verslag over 2025 ligt de nadruk op diervoeders. Binnen deze keten bevindt zich het grootste deel van onze impact en vinden de belangrijkste duurzaamheidsontwikkelingen plaats. In de komende periode werken wij aan het verder ontwikkelen van duurzaamheidsbeleid voor de plantaardige sector, zodat ook daar gerichter kan worden gestuurd op impact en doelstellingen.