Groenbemesters voeden het bodemleven, produceren organische stof en gaan versleping tegen. Meer dan genoeg redenen om wel een groenbemester te zaaien. Bij gebruik van de stikstofnorm van (60 kg N/ha klei en 50 kg N/ha zand) is het belangrijk dat de groenbemester minimaal 8 weken staat. Zie een groenbemester eigenlijk als de voorvrucht voor het hoofdgewas voor volgend jaar. Houd dus rekening met je bouwplan voor volgend jaar bij je groenbemesterkeuze.
Kies bij ploegen een andere groenbemester dan wanneer je niet ploegt. Over het algemeen wordt dan ook later gezaaid omdat het gewas dan het volgende jaar niet te groot is om goed onder te kunnen werken. Dit jaar kunnen vanuit het GLB bonuspunten worden gehaald om groenbemesters de winter over te laten staan (groen) en in het voorjaar mechanisch onder te werken. Indien je deze keuze maakt, zorg dan dat je over de juiste apparatuur beschikt om dit te doen.
Indien je veel last hebt van wortelonkruid is het beter om dit eerst te laten ontwikkelen en te bestrijden en pas later een groenbemester in te zaaien.
Regelgeving groenbemesters
Algemeen
Als je mest wilt uitrijden na de graanteelt geldt de verplichting tot het inzaaien van een vanggewas. Deze groenbemester moet uiterlijk 15 september gezaaid zijn, en moet minimaal 8 weken blijven staan. Met de zaai van koolzaad voldoet u ook aan deze regel, mits de koolzaad voor zaadwinning in het volgende jaar geteeld wordt.
Kleigrond
Op kleigrond geldt de verplichting dat 80% van het bouwland 8 weken lang bedekt moet zijn tussen 1 augustus en 30 november. Gewassen, groenbemesters en ook stoppels vallen onder deze bedekking. Het kan zijn dat je een groenbemester moet zaaien na oogst van vroeg te oogsten gewassen om aan deze verplichting te voldoen.
Zand- en lösgronden
Op zand- en lössgrond is het verplicht op na de maisteelt verplicht een vanggewas te telen. Dit vanggewas moet in ieder geval tussen 1 oktober en 1 februari op het perceel staan. Op de site van de RVO zijn de gewassen aangegeven die officieel meetellen als vanggewas na mais, dit zijn voornamelijk grassen, wintergranen en bladrammans.
Op zand- en lössgrond met andere akkerbouwgewassen dan mais moet ook op 1 oktober een vanggewas ingezaaid zijn, tenzij er een winterteelt staat. Als er op 1 oktober niet gezaaid is, geldt er een korting op de stikstofnorm in het volgende jaar.
Meer informatie
Voor meer informatie kun je contact opnemen met een van onze specialisten akkerbouw/ruwvoerteelt of AR Bedrijfsontwikkeling zij helpen je graag verder.
