De vrijstelling geldt voor bedrijven met maximaal 30 hectare landbouwareaal (peildatum 15 mei). Landschapselementen, inclusief sloten, tellen in dit kader niet mee. Al het overige areaal, inclusief bufferstroken en natuurterrein, telt wel mee, ongeacht of dit subsidiabel is.
Regels voor gewasrotatie en rustgewas (GLMC 7)
Hieronder staan de regels nog kort samengevat:
Teel elk jaar op minimaal 1/3 van je bouwland een ander gewas als hoofdteelt (andere gewascode). Of teel een of meer volgteelten (andere gewassoort) na de hoofdteelt. De volgteelt kan ook een groenbemester zijn, die tot de volgende hoofdteelt blijft staan. Het 1/3-deel waarop je moet roteren is het deel van de totale oppervlakte van uw bouwland (inclusief de vrijgestelde oppervlakte).
Teel op je percelen eens per 4 jaar een ander gewas als hoofdteelt.
Teelt op zand- en lössgrond in de periode van 2023-2026 en in de periode 2027-2030 een rustgewas (uitgezonderd zijn biologische percelen en percelen waarop een gehele vierjarige periode onafgebroken hetzelfde gewas staat)
Voor de normen 1 en 2 zijn er een aantal vrijstellingen, waaronder die voor graslandbedrijven met meer dan 75% gras). Ook bedrijven met minder dan 30 hectare hoeven dus niet meer te voldoen aan de normen 1 en 2. De norm voor rustgewas blijft bestaan vanuit eisen in de omgevingsregeling.
Korte teelt
Meestal is het rustgewas een hoofdteelt bijvoorbeeld, grasland, granen, sorghum, diverse bonensoorten, kolen en de teelt van zaaizaad voor vermeerdering. Er is één situatie waarbij het rustgewas niet de hoofdteelt is: bij een korte (groente)teelt of een vroeg geoogst gewas, gevolgd door een onbemest vanggewas dat uiterlijk 31 augustus is gezaaid. Deze staat ook in de gewascodelijst benoemd. RVO heeft daarbij aangeven dat het onbemeste vanggewas de hoofdteelt moet opvolgen, dus onderzaai is niet toegestaan.
De teelt van 100 dagen-mais kan voor melkveehouders een uitkomst bieden. Voorwaarde is dat deze mais eind augustus is geoogst en dat je vóór 1 september een vanggewas hebt gezaaid. Dit vraagt wel voor een strakke planning met bijvoorbeeld loonwerk en tijdige bestelling/levering van zaaizaad. Het is belangrijk dat je de inzet van een vanggewas als rustgewas voor 1 oktober doorgeeft binnen de Gecombineerde Opgave. Ook de regels voor vanggewassen, zoals hierna genoemd, zijn van toepassing.
Vanggewas als rustgewas 2027
Omdat er op zand en lössgronden uiterlijk op 1 oktober een vanggewas gezaaid moet zijn, kun je ervoor kiezen om een wintergraan of gras te zaaien als hoofdteelt voor 2027. Daarmee voldoe je aan zowel de vanggewasverplichting als de rustgewasverplichting (periode 2027-2030). Volg daarbij de regels van Vanggewas op zand- en lössgrond en zorg in alle gevallen dat je de Gecombineerde Opgave tijdig actualiseert.
Vanggewas vernietigen
Binnen de meststoffenwet mag het vanggewas vanaf 1 februari worden vernietigd. Wil je het vanggewas als groenbedekking voor de eco-regeling behouden, dan moet de teelt tot ten minste 1 maart blijven staan.
Heb je gekozen voor een vanggewas als hoofdteelt voor volgend jaar, dan mag je het niet vernietigen, maar oogst je het later in het jaar (na 15 juni) als hoofdteelt. Heb je gras gekozen om te maaien of beweiden, dan gelden de regels voor het scheuren van grasland.
Meer weten?
De specialisten van AR Bedrijfsontwikkeling staan je graag terzijde. Mail naar info@ar-bedrijfsontwikkeling.nl, dan neemt een van de specialisten contact met je op. Liever bellen? Dat kan via 0317-499500 en dan kom je direct in contact met één van de specialisten.
Gerelateerde artikelen
GLB en controle eco-activiteiten | AgruniekRijnvallei
Voorkom korting van GLB-subsidie | AgruniekRijnvallei
Gewasrotatie en rustgewas voorwaarde voor GLB-subsidie | AR
Gewasrotatie en rustgewas met voorbeelden | AR Bedrijfsontwikkeling
Wijziging Ecoregeling 2027